Hrayr Manukyan: steun vanuit het Fonds Studie Zonder Grenzen

Toen de Armeense autoriteiten hem drie jaar geleden begonnen te chanteren met zijn homoseksualiteit, vluchtte Hrayr Manukyan naar Nederland. Dankzij een speciale vluchtelingenbeurs kon hij aan de UvA een jaar onderzoek doen naar de Armeense revolutie in 2018. ‘Hier in Nederland waarderen we het nut van theorie en filosofie soms niet genoeg.’

Dit artikel werd op 21 februari 2019 gepubliceerd op de website van Folia. Auteur: Marleen Hoebe.

Hrayr Manukyan

Hrayr Manukyan (31) volgt de UvA-master Philosophy en doet tegelijkertijd aan de UvA onderzoek naar de theorie achter de Armeense revolutie. Hij denkt dat de Armeense revolutie laat zien dat theoretische kennis essentieel is voor het maken van succesvolle en positieve sociale veranderingen. ‘Hier in Nederland waarderen we het nut van theorie en filosofie soms niet genoeg. Een voorbeeld hiervan is de bezuinigingen op de Nederlandse universiteiten, waar de geesteswetenschappen veel last van zullen hebben. Maar tijdens de Armeense revolutie had theorievorming een belangrijke rol in de praktische veranderingen.’ In zijn onderzoek bekijkt Hrayr waarom de revolutie gebeurde, waarom zij slaagde en wat men ervan kan leren.

Deze Armeense revolutie was een ‘fluwelen’ revolutie. Dit betekent dat de demonstraties vreedzaam verliepen. ‘De revolutie duurde iets langer dan een maand,’ vertelt Hrayr. ‘In april 2018 koos het Armeense parlement de net afgetreden president Serzj Sargsjan als premier. Mensen zagen dit als een machtsgreep van Sargsjan. De revolutie ontstond omdat mensen niet blij waren met zijn regime.’ Na een week van protesten legde Sargsjan zijn functie neer. De nieuwe regering bestrijdt nu de corruptie in Armenië.

Wanneer ben je naar Nederland gekomen?
‘In januari 2016 kwam ik naar Nederland. Anderhalf jaar later ben ik begonnen met de master Political Science aan de UvA. Tijdens deze studie vond ik politieke theorie erg interessant. Het is eigenlijk hetzelfde als politieke filosofie. Ik wilde daarmee door. Daarom ben ik na deze studie begonnen met de master Philosophy. Nu heb ik de vakken van deze studie afgerond en ben ik nog bezig met mijn thesis. Die thesis maakt deel uit van mijn onderzoeksproject.’

In Armenië was je economiejournalist. Waarom ben je de kant van de politiek opgegaan?
‘Ik heb in Armenië economie gestudeerd. Tijdens mijn werk als economieredacteur begreep ik dat je geen goede economie hebt als de politiek slecht gaat, dus ging ik de politieke kant op. Ik werd bestuurslid van een van de belangrijkste oppositiepartijen. Op een gegeven moment moest ik Armenië ontvluchten, omdat het toenmalige autoritaire gezag mijn telefoontjes heimelijk afluisterde. De autoriteiten ontdekten dat ik homoseksueel ben en begonnen me te chanteren. De Armeense samenleving is zeer conservatief en homofoob. Nieuwe revolutionaire autoriteiten doen ook niets om LGBT-rechten te verbeteren.’

Is het nu dan niet lastig om in Nederland onderzoek te doen naar een revolutie in Armenië?
‘Het is eigenlijk wel goed om dit onderzoek in Nederland te doen. Hierdoor hou je afstand van de gebeurtenis. Als je zelf middenin zo’n gebeurtenis zit kun je als wetenschapper bevooroordeeld zijn. Ik volgde alle ontwikkelingen van de revolutie online. Bijna alles werd online uitgezonden, vooral via Facebook Live. Je krijgt ook een goed beeld door de mensen van de revolutie te spreken. Ik ga nu verschillende interviews met leiders van de revolutionaire bewegingen doen. Soms zullen die interviews via Skype zijn, maar ook weleens in Brussel of andere Europese steden.’

Hoe kan je studie in Nederland bij dit onderzoek helpen?
‘Op de UvA leerde ik op een andere manier naar de maatschappij te kijken dan dat ik voorheen deed. Ik analyseer nu op een diepgaandere manier. Ook zie ik nu verschillen tussen de Armeense en westerse cultuur. Hierdoor weet ik waar de kennis ontbreekt. In Nederland heeft het onderwijs veel meer kwaliteit dan in Armenië. Mijn studie hier is erg uitdagend; je moet hard werken. In Armenië waren de studenten vooral aan het opschrijven wat de docenten dicteerden. Hier lezen we wetenschappelijke artikelen en boeken die we uiteindelijk in de klas bespreken.’

Gepubliceerd door  Bureau Alumnirelaties en Universiteitsfonds

13 augustus 2019